Art. 13 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
1. Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na een termijn van tien jaren na de datum van zijn inwerkingtreding door middel van een aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau gerichte en door deze geregistreerde verklaring. De opzegging wordt eerst van kracht een jaar nadat zij is geregistreerd.
2. Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en binnen een halfjaar na het verloop van een termijn van tien jaren, bedoeld in het vorige lid, geen gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging voorzien in dit artikel, is voor een nieuwe termijn van tien jaren gebonden en kan daarna dit Verdrag opzeggen na afloop van elke termijn van tien jaren onder de voorwaarden voorzien in dit artikel.
Vorige artikelen
- Artikel 8 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 9 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 10 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 11 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 12 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
Volgende artikelen
- Artikel 14 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 15 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 16 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 17 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
- Artikel 18 Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces