Art. 15 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen, TOEPASSELIJK RECHT
Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
1. Het bestaan, de omvang, de wijziging en het tenietgaan van vertegenwoordigingsbevoegdheden die zijn verleend door een volwassene, hetzij bij een overeenkomst, hetzij bij een eenzijdige rechtshandeling, teneinde te worden uitgeoefend wanneer deze volwassene niet in staat zal zijn om zijn belangen te behartigen, worden beheerst door het recht van de Staat waar de volwassene op het tijdstip van de overeenkomst of de rechtshandeling zijn gewone verblijfplaats heeft, tenzij een van de in het tweede lid genoemde rechtsstelsels uitdrukkelijk schriftelijk is aangewezen.
2. De Staten waarvan het recht kan worden aangewezen, zijn:
a. een Staat waarvan de volwassene de nationaliteit bezit;
b. een Staat waar de volwassene eerder zijn gewone verblijfplaats had;
c. een Staat waar vermogen van de volwassene is gelegen, met betrekking tot dat vermogen;
3. De wijze waarop deze vertegenwoordigingsbevoegdheden worden uitgeoefend, wordt beheerst door het recht van de Staat waarin zij worden uitgeoefend.
Artikelen die hiernaar verwijzen
Vorige artikelen
- Artikel 10 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 11 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 12 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 13 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 14 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
Volgende artikelen
- Artikel 16 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 17 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 18 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 19 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 20 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen