Art. 8 WTO, Samenstelling van de panels
Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
1. De panels worden samengesteld uit zeer bekwame regeringsfunctionarissen en/of anderen, onder wie personen die zitting hebben gehad in een panel of een zaak aan een panel hebben voorgelegd, die zijn opgetreden als vertegenwoordiger van een Lid van de WTO of van een partij bij de GATT-Overeenkomst van 1947 dan wel als vertegenwoordiger in een raad of commissie van een vermelde overeenkomst of een overeenkomst die daaraan voorafging, of bij het Secretariaat, die het internationale handelsrecht of -beleid hebben gedoceerd of daarover hebben gepubliceerd, of die zich als hoger ambtenaar van een Lid met het handelsbeleid hebben beziggehouden.
2. Panelleden dienen zodanig te worden geselecteerd dat de onafhankelijkheid van de leden, een voldoende gevarieerde achtergrond en een breed spectrum aan ervaring gewaarborgd zijn.
3. Staatsburgers van Leden waarvan de regeringen1)Ingeval douane-unies of gemeenschappelijke markten partij bij het geschil zijn, geldt deze bepaling voor de staatsburgers van alle lidstaten van de douane-unie of gemeenschappelijke markt. hetzij partij bij het geschil, hetzij derden zoals gedefinieerd in artikel 10, tweede lid, zijn, mogen geen zitting nemen in het panel dat met het geschil is belast, tenzij de partijen bij het geschil anders overeenkomen.
4. Ten behoeve van de selectie van panelleden houdt het Secretariaat een groslijst bij van regeringsfunctionarissen en anderen die de in het eerste lid genoemde kwalificaties bezitten, waaruit in voorkomend geval de panelleden worden gekozen. De lijst omvat de lijst van anderen dan regeringsfunctionarissen die werd opgesteld op 30 november 1984 (BISD 31S/9), alsook andere lijsten en groslijsten die ingevolge de vermelde overeenkomsten zijn opgesteld, en bevat de namen van de personen die bij de inwerkingtreding van de WTO-Overeenkomst op die lijsten en groslijsten zijn vermeld. Leden kunnen regelmatig namen van regeringsfunctionarissen en anderen voordragen voor opneming in de groslijst, met opgave van relevante gegevens over hun kennis van de internationale handel en van de sectoren of het onderwerp van de vermelde overeenkomsten, en deze namen worden aan de lijst toegevoegd na goedkeuring door het DSB. De lijst geeft voor iedere persoon op de lijst specifieke terreinen van ervaring of deskundigheid aan ter zake van de sectoren of het onderwerp van de vermelde overeenkomsten.
5. De panels bestaan uit drie panelleden, tenzij de partijen bij het geschil binnen tien dagen na de vorming van het panel instemmen met een panel bestaande uit vijf panelleden. De Leden worden onmiddellijk van de samenstelling van het panel in kennis gesteld.
6. Het Secretariaat draagt kandidaten voor benoeming in het panel voor aan de partijen bij het geschil. De partijen bij het geschil verzetten zich niet tegen deze voordrachten, behoudens dwingende redenen.
7. Indien binnen twintig dagen na de vorming van een panel geen overeenstemming omtrent de panelleden bestaat, bepaalt de Directeur-generaal, op verzoek van één van beide partijen, in overleg met de Voorzitter van het DSB en de voorzitter van de desbetreffende raad of commissie, de samenstelling van het panel door de panelleden te benoemen die de Directeur-Generaal het meest geschikt acht, overeenkomstig de desbetreffende bijzondere of aanvullende regels of procedures van de vermelde overeenkomst(en) waarop het geschil betrekking heeft, na de partijen bij het geschil te hebben geraadpleegd. De Voorzitter van het DSB stelt de Leden uiterlijk tien dagen na de datum waarop de Voorzitter een daartoe strekkend verzoek heeft ontvangen in kennis van de samenstelling van het aldus gevormde panel.
8. De Leden verplichten zich ertoe, in principe, hun functionarissen toe te staan als panellid op te treden.
9. Panelleden handelen op persoonlijke titel en niet als regeringsvertegenwoordiger, noch als vertegenwoordiger van een organisatie. Regeringen mogen hun derhalve geen instructies geven, noch trachten hen persoonlijk te beïnvloeden met betrekking tot aan een panel voorgelegde kwesties.
10. Wanneer het een geschil betreft tussen een Lid dat ontwikkelingsland is en een Lid dat ontwikkeld land is, omvat het panel, indien het Lid dat ontwikkelingsland is hierom verzoekt, ten minste één panellid uit een Lid dat een ontwikkelingsland is.
11. Onkosten van panelleden, met inbegrip van reis- en verblijfkosten, worden vergoed uit de begroting van de WTO in overeenstemming met de door de Algemene Raad aan te nemen criteria, op basis van aanbevelingen van de Commissie voor Begroting, Financiën en Administratie.
Artikelen die hiernaar verwijzen
- Artikel 92 Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds
- Artikel 139 Economische Partnerschapsovereenkomst tussen de CARIFORUM-staten, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds