Art. 49 Europees Verdrag inzake de internationale geldigheid van strafvonnissen, Bepalingen die in het bijzonder betrekking hebben op de tenuitvoerlegging van een ontzetting

Europees Verdrag inzake de internationale geldigheid van strafvonnissen

1. Indien een verzoek tot tenuitvoerlegging van een ontzetting is gedaan, kan daaraan slechts gevolg worden gegeven als de wet van de aangezochte Staat het opleggen van een ontzetting voor een dergelijk strafbaar feit toelaat.

2. De met de zaak belaste rechter beoordeelt de opportuniteit van de tenuitvoerlegging van de ontzetting op het grondgebied van zijn land.

Vorige artikelen

Volgende artikelen