Art. 3 Europees Verdrag betreffende uitlevering, Politieke delicten
Europees Verdrag betreffende uitlevering
1. Uitlevering wordt niet toegestaan, indien het strafbare feit waarvoor zij wordt verzocht, door de aangezochte Partij als een politiek delict of als een met een dergelijk delict samenhangend feit wordt beschouwd.
2. Hetzelfde geldt, indien de aangezochte Partij ernstige redenen heeft aan te nemen dat het verzoek tot uitlevering voor een niet-politiek delict is gedaan met de bedoeling een persoon te vervolgen of te straffen op grond van zijn ras, godsdienst, nationaliteit of politieke gezindheid, dan wel dat de positie van de betrokkene om een van deze redenen ongunstig dreigt te worden beïnvloed.
3. Voor de toepassing van dit Verdrag wordt de aanslag op het leven van een Staatshoofd of van een zijner familieleden niet als politiek delict beschouwd.
4. De toepassing van dit artikel tast de verplichtingen die de Partijen op zich hebben genomen of zullen nemen uit hoofde van andere internationale overeenkomsten van multilaterale aard niet aan.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 9 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX6945
- Rb. Zwolle-Lelystad 7 maart 2012, ECLI:NL:RBZLY:2012:BV8282
- Rb. Limburg 15 september 2017, ECLI:NL:RBLIM:2017:12876
- Rb. Den Haag 28 oktober 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:11719
- Conclusie A-G Vegter 9 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BX6945
- Hof Den Haag 20 december 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:2622