Art. 15 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, Voorlopige aanhouding
Op grond van dit artikel kunnen rechterlijke autoriteiten van een land aan de rechterlijke autoriteiten van een ander land met het oog op een uitlevering de voorlopige aanhouding van een persoon verzoeken. Het verzoek kan slechts worden gedaan met betrekking tot een feit, waarvoor uitlevering mogelijk is. De autoriteiten van het aanvragende land zullen krachtens hun nationale wetgeving bevoegd moeten zijn de aanhouding te gelasten.
De verzoeken zullen door rechterlijke autoriteiten van de aanvragende staat hetzij rechtstreeks, hetzij via Interpol tot de rechterlijke autoriteiten van de aangezochte Staat worden gericht.
Indien de autoriteiten van de aangezochte Staat van oordeel zijn dat het verzoek bevoegdelijk door een bevoegde autoriteit van de aanvragende Staat is gedaan, zullen zij op dat verzoek overeenkomstig hun eigen wetgeving beslissen.
Een voorlopige aanhouding zal in ieder geval een eind nemen indien niet binnen een termijn van achttien dagen een verzoek om uitlevering met de daarbij behorende stukken is ontvangen.
Vorige artikelen
- Artikel 10 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 11 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 12 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 13 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 14 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
Volgende artikelen
- Artikel 16 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 18 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 19 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 20 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden
- Artikel 21 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden