Art. 14 Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, Verderlevering aan een derde Staat

Verdrag aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden

Een persoon, die op grond van het onderhavige verdrag is uitgeleverd, zal slechts met toestemming van het aangezochte land verder mogen worden geleverd aan een Staat, die geen partij is bij het onderhavige verdrag, voor feiten die hij vóór zijn eerste uitlevering heeft bedreven. Deze toestemming is niet vereist in de in het vorige artikel onder b) en c) bedoelde gevallen. Ook is de toestemming niet vereist voor verderlevering aan een ander Beneluxland.

Vorige artikelen

Volgende artikelen