Art. 5.40 Omgevingswet, (bevoegdheid tot wijziging voorschriften omgevingsvergunning en intrekking omgevingsvergunning)
1. Het bevoegd gezag kan de voorschriften van een omgevingsvergunning wijzigen:
a. in gevallen of op gronden die bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald,
b. voor een activiteit als bedoeld in artikel 5.31, eerste lid: als het gaat om het wegnemen of beperken van gevaar, bedoeld in artikel 3, zevende lid, van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, waarbij artikel 5.31, tweede en derde lid, van overeenkomstige toepassing is,
c. voor een activiteit als bedoeld in artikel 5.3 of 5.4: in gevallen of op gronden die in de waterschapsverordening respectievelijk de omgevingsverordening zijn bepaald.
2. In andere gevallen dan bedoeld in artikel 18.10 kan het bevoegd gezag een omgevingsvergunning intrekken:
a. in gevallen of op gronden die bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald,
b. als gedurende een jaar of een in de vergunning bepaalde langere termijn geen activiteiten zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning,
c. op verzoek van de vergunninghouder,
d. voor een activiteit als bedoeld in artikel 5.31, eerste lid: in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, waarbij artikel 5.31, tweede en derde lid, van overeenkomstige toepassing is,
e. voor een milieubelastende activiteit of een wateractiviteit waarvoor met toepassing van artikel 16.7, eerste lid, aanhef en onder b, gecoördineerd omgevingsvergunningen zijn verleend: als de omgevingsvergunning voor de samenhangende wateractiviteit respectievelijk de milieubelastende activiteit is ingetrokken,
f. voor een activiteit als bedoeld in artikel 5.3 of 5.4: in gevallen of op gronden die in de waterschapsverordening respectievelijk de omgevingsverordening zijn bepaald.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Oost-Brabant 11 oktober 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:4731
- ABRvS 4 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3569
- Rb. Oost-Brabant 31 mei 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:2252
- Rb. Oost-Brabant 28 oktober 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4688
- Rb. Oost-Brabant 28 oktober 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4689
- ABRvS 4 juni 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2564
- ABRvS 30 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1957
- Rb. Zeeland-West-Brabant 9 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:297
- Rb. Zeeland-West-Brabant 18 maart 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:1672
- Rb. Overijssel 28 september 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:5772
- Rb. Overijssel 1 april 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:1929
- Rb. Overijssel 1 april 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:1840
- Rb. Oost-Brabant 6 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:856
- Rb. Oost-Brabant 21 augustus 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:5980
- Rb. Oost-Brabant 30 april 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:2760
- Rb. Oost-Brabant 21 november 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:7592
- Rb. Oost-Brabant 24 april 2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:1947
- Rb. Oost-Brabant 28 oktober 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4690
- Rb. Oost-Brabant 29 april 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:1764
- Rb. Noord-Holland 6 mei 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:4774