Art. 3.2 Wet natuurbescherming, Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn
1. Het is verboden vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn dood of levend, of gemakkelijk herkenbare delen daarvan, of uit deze vogels verkregen producten te verkopen, te vervoeren voor verkoop, onder zich te hebben voor verkoop of ten verkoop aan te bieden.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing ten aanzien van vogels van soorten, genoemd in bijlage III, deel A, bij de Vogelrichtlijn, die aantoonbaar overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn gedood of gevangen, onderscheidenlijk verkregen, en ten aanzien van delen of producten van die vogels.
3. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing ten aanzien van bij algemene maatregel van bestuur aangewezen vogels van soorten, genoemd in bijlage III, deel B, bij de Vogelrichtlijn, die aantoonbaar overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn gedood of gevangen, onderscheidenlijk verkregen, en ten aanzien van delen of producten van die vogels.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de verkoop, het vervoer voor verkoop, het onder zich hebben voor verkoop of het ten verkoop aanbieden van vogels van soorten, aangewezen op grond van het derde lid, en delen of producten van die vogels.
5. Een vogelsoort wordt op grond van het derde lid uitsluitend aangewezen, indien de handelingen, bedoeld in het eerste lid, uitgevoerd overeenkomstig regels als bedoeld in het vierde lid, er niet toe leiden dat het populatieniveau, de geografische verspreiding of de omvang van de voortplanting van deze soort in gevaar wordt gebracht of kan worden gebracht.
6. Het is verboden, anders dan voor verkoop, vogels, delen of producten als bedoeld in het eerste lid, onder zich te hebben of te vervoeren, tenzij deze vogels, delen of producten aantoonbaar overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn gedood of gevangen, onderscheidenlijk verkregen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Oost-Brabant 20 december 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6396
- Rb. Oost-Brabant 20 december 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6370
- Rb. Noord-Nederland 6 juli 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:2790
- ABRvS 28 juni 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2497
- Rb. Amsterdam 10 mei 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:3396
- Rb. Rotterdam 13 februari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2072
- Rb. Rotterdam 13 februari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2070
- Rb. Rotterdam 29 juli 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:6627
- Rb. Overijssel 15 april 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:2103
- Rb. Overijssel 27 januari 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:396
- Rb. Overijssel 24 februari 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:1054
- Rb. Overijssel 12 januari 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:83
- Rb. Overijssel 12 januari 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:78
- Rb. Den Haag 8 november 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:16326
- Rb. Amsterdam 8 april 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:1705
- Rb. Amsterdam 30 september 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:4962
- Conclusie A-G Harteveld 28 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:613
- Conclusie A-G Keulen 11 mei 2021, ECLI:NL:PHR:2021:472
- Conclusie A-G Keulen 11 mei 2021, ECLI:NL:PHR:2021:471
- Hof 's-Hertogenbosch 20 januari 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:109