Art. 10:96 BW, Familierechtelijke betrekkingen door erkenning of gerechtelijke vaststelling van het ouderschap
Burgerlijk Wetboek Boek 10 (BW10)
Of en op welke wijze een erkenning kan worden tenietgedaan, wordt, wat betreft de bevoegdheid van de persoon die het kind heeft erkend en de voorwaarden voor de erkenning, bepaald door het ingevolge artikel 95 lid 1 van dit Boek toegepaste recht, en wat betreft de toestemming van de moeder, onderscheidenlijk het kind, door het recht dat ingevolge artikel 95 lid 3 van dit Boek toepasselijk is.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Den Haag 18 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:417
- Rb. Zeeland-West-Brabant 31 maart 2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:2481
- Rb. Midden-Nederland 14 juni 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:2226
- Rb. Den Haag 16 januari 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:420
- Rb. Zeeland-West-Brabant 2 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5923
- Rb. Zeeland-West-Brabant 4 augustus 2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7270
- Rb. Zeeland-West-Brabant 15 december 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:9409
- Rb. Zeeland-West-Brabant 9 april 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:9408
- Rb. Zeeland-West-Brabant 11 juli 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:9406
- Rb. Rotterdam 13 april 2022, ECLI:NL:RBROT:2022:3153
- Rb. Noord-Holland 20 maart 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:2905
- Rb. Noord-Holland 11 februari 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:1114
- Rb. Noord-Holland 6 juli 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:5544
- Rb. Den Haag 28 februari 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:6074
- Rb. Den Haag 24 april 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:14724
- Rb. Amsterdam 10 november 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:6298