Art. 13 Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten
De procureur-generaal requireert, zodra de aanhouding te zijner kennis is gekomen, en ingeval deze geen plaats heeft gehad of reeds vóór de aanvrage is geschied, zo spoedig mogelijk na daartoe te zijn aangeschreven, dat de opgeëiste persoon door het Hof van Justitie wordt gehoord, en dat dit zijn advies uitbrengt over het al of niet toestaan der gevraagde uitlevering.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Spronken 11 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1139
- Conclusie A-G Spronken 11 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1136
- Conclusie A-G Spronken 17 januari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:56
- Conclusie A-G Spronken 11 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1138
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 3 december 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:363
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 16 november 2021, ECLI:NL:OGHACMB:2021:421