Art. 70 Wilg, Bijzondere bepalingen over beroep en hoger beroep
Wet inrichting landelijk gebied (Wilg)
1. De rechtbank beslist omtrent de wijze waarop het ruilplan onderscheidenlijk de lijst der geldelijke regelingen wordt gewijzigd na oproeping van de verzoeker, gedeputeerde staten en de belanghebbenden ten aanzien van wie het ruilplan onderscheidenlijk de lijst der geldelijke regelingen wordt gewijzigd indien het beroep gegrond is. Belanghebbenden en gedeputeerde staten kunnen bij gemachtigde verschijnen.
2. De beroepen tegen het besluit tot vaststelling van het ruilplan onderscheidenlijk de lijst der geldelijke regelingen worden gezamenlijk behandeld.
3. Tegen een beschikking van de rechtbank is geen hoger beroep toegelaten. Voor de belanghebbende die voor de rechtbank is verschenen en voor gedeputeerde staten staat beroep in cassatie open overeenkomstig de artikelen 426 tot en met 429 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Valk 9 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:794
- HR 23 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1929
- Rb. Overijssel 16 maart 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:2309
- Rb. Oost-Brabant 3 april 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:1957
- Rb. Oost-Brabant 3 april 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:1793
- Rb. Oost-Brabant 20 december 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6580
- Rb. Noord-Nederland 22 maart 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:1518
- Conclusie A-G Valk 5 september 2025, ECLI:NL:PHR:2025:952
- Conclusie A-G Hammerstein 4 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BU3348