Art. 21a Besluit aanvullende arbeidsongeschiktheids- en invaliditeitsvoorzieningen militairen, Bijzondere uitkering
Besluit aanvullende arbeidsongeschiktheids- en invaliditeitsvoorzieningen militairen
1. De gewezen militair die voor 1 juli 2007 is ontslagen en bij wie als gevolg van inzet tijdens oorlogsomstandigheden of een crisisbeheersingsoperatie op een daartoe voor 1 juni 2012 gedane eerste aanvraag, invaliditeit met dienstverband is vastgesteld, heeft aanspraak op een eenmalige bijzondere uitkering.
2. Het bedrag van de bijzondere uitkering is gelijk aan een percentage van de grondslag overeenkomend met de mate van invaliditeit.
3. Een mate van invaliditeit van minder dan 10% wordt voor de toekenning van de bijzondere uitkering afgerond op 5%.
4. In afwijking van het tweede en derde lid is het bedrag van de bijzondere uitkering gelijk aan een percentage van de grondslag overeenkomend met de mate van arbeidsongeschiktheid met dienstverband indien deze hoger is dan de mate van invaliditeit met dienstverband.
5. Voor de vaststelling van de bijzondere uitkering wordt de definitieve mate van invaliditeit of de mate van arbeidsongeschiktheid met dienstverband gehanteerd op de peildatum, 1 juni 2012. Indien er op het moment van de peildatum nog geen definitieve mate van invaliditeit is vastgesteld, dan wordt de bijzondere uitkering vastgesteld nadat, vanwege het bereiken van een medische eindtoestand, de definitieve mate van invaliditeit is vastgesteld.
6. De bijzondere uitkering wordt eenmalig vastgesteld. In afwijking van artikel 15 vierde en vijfde lid leidt een latere wijziging in de mate van invaliditeit of arbeidsongeschiktheid met dienstverband niet tot aanpassing van de bijzondere uitkering.
7. In voorkomend geval wordt de mate van arbeidsongeschiktheid met dienstverband bepaald op het hoogste percentage van de toepasselijke arbeidsongeschiktheidsklasse als bedoeld in artikel 21 tweede lid van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
8. De grondslag van de bijzondere uitkering is € 125.000,–.
9. In afwijking van artikel 17 wordt de bijzondere uitkering in een keer uitbetaald.
10. In het geval dat de gewezen militair een schadevergoeding heeft ontvangen voor zijn invaliditeit met dienstverband als bedoeld in het eerste lid bedraagt de bijzondere uitkering slechts het meerdere boven het totaal van de reeds ontvangen materiële schadevergoeding.
11. De over de bijzondere uitkering verschuldigde belasting ingevolge de Wet inkomstenbelasting 2001, de Wet op de loonbelasting 1964 en premie voor de volksverzekeringen ingevolge de Wet financiering sociale verzekeringen komen ten laste van het Rijk.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CRvB 31 maart 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:1163
- CRvB 29 juni 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2264
- Rb. Den Haag 5 november 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:13723
- Rb. Den Haag 17 april 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ7184
- CRvB 29 juni 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2283
- Rb. Gelderland 12 april 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:3925
- Rb. Den Haag 15 februari 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:951
- CRvB 4 mei 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:850
- CRvB 22 maart 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:898
- CRvB 30 november 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:4166
- CRvB 17 augustus 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2831
- CRvB 17 augustus 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2829