Art. 124 BARD, Ontslag op andere gronden
Burgerlijk ambtenarenreglement defensie (BARD)
1. Aan de ambtenaar in vaste dienst kan ook op andere gronden dan die in artikel 121 zijn geregeld of waarnaar in dat artikel wordt verwezen, ontslag worden gegeven. Het ontslag wordt eervol verleend.
2. In geval van ontslag ingevolge het eerste lid wordt door de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 112, eerste of tweede lid, een voorziening getroffen waarbij de ambtenaar een uitkering wordt verleend, die, naar het oordeel van dat bevoegd gezag, met het oog op de omstandigheden redelijk is te achten. Deze uitkering is ten minste gelijk aan het totaalbedrag van de uitkeringen berekend op basis van de Werkloosheidswet en het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie.
3. Indien de ambtenaar terzake van zijn ontslag ingevolge het eerste lid recht heeft op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet of het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie, wordt de in het tweede lid bedoelde uitkering met die uitkering verminderd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CRvB 15 november 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3608
- CRvB 11 juli 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:1425
- Rb. Oost-Brabant 9 december 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:7479
- Rb. Den Haag 28 september 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:10404
- Hof Arnhem-Leeuwarden 27 augustus 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:5452
- CRvB 8 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2632
- CRvB 25 juli 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:2530
- CRvB 20 april 2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AW3523