CRvB 15 november 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3608

Met de rechtbank komt de Raad tot de conclusie dat appellante de beweerdelijk door haar geleden vermogensschade niet aannemelijk heeft gemaakt. In dit verband had het op de weg van appellante gelegen om te onderbouwen welke inkomstenderving zij heeft geleden. Appellante heeft evenmin aannemelijk gemaakt dat die inkomstenderving in een causaal verband staat met de geopenbaarde informatie over haar. Dat had appellante kunnen doen met bijvoorbeeld overlegging van gedane sollicitaties en de (reden van) afwijzing daarvan, wat zij heeft nagelaten. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij voor vergoeding in aanmerking komende immateriële schade lijdt of heeft geleden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken