Art. 13b Wahv, Beroep bij de kantonrechter van de rechtbank
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
1. In geval van intrekking van het beroep omdat de officier van justitie geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan de officier van justitie op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 13a in de kosten worden veroordeeld. Het verzoek wordt gedaan tegelijk met de intrekking van het beroep. Indien aan dit vereiste niet is voldaan, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Het verzoek wordt bij de officier van justitie ingediend.
2. De kantonrechter stelt de verzoeker zo nodig in de gelegenheid het verzoek schriftelijk toe te lichten en stelt de officier van justitie in de gelegenheid een verweerschrift in te dienen. Hij stelt hiervoor termijnen vast. Indien het verzoek mondeling wordt gedaan, kan de kantonrechter bepalen dat het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer onmiddellijk mondeling geschieden.
3. Indien het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer mondeling zijn geschied, sluit de kantonrechter het onderzoek.
4. Indien het verzoek schriftelijk wordt toegelicht, nodigt de kantonrechter partijen uit ter zitting te verschijnen. Indien partijen daarvoor toestemming hebben gegeven, kan de kantonrechter bepalen dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft. De kantonrechter kan ook ambtshalve besluiten het verzoek buiten zitting af te doen. De kantonrechter sluit vervolgens het onderzoek.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Arnhem-Leeuwarden 20 juli 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:7004
- Hof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:2333
- Hof Leeuwarden 8 november 2010, ECLI:NL:GHLEE:2010:BP2948
- Hof Leeuwarden 12 november 2009, ECLI:NL:GHLEE:2009:BL3559
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 oktober 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:6272
- Hof Arnhem-Leeuwarden 6 november 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9162
- Rb. Zeeland-West-Brabant 28 november 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:11225
- Rb. Gelderland 24 januari 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:1161
- Rb. Gelderland 13 november 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:7130
- Rb. Arnhem 29 juli 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BR4942
- Rb. Amsterdam 15 mei 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3768
- Rb. Amsterdam 15 mei 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3766
- Rb. Amsterdam 15 mei 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3765
- Rb. Amsterdam 26 mei 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:4764
- Conclusie A-G Harteveld 9 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:376
- HR 22 februari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4922
- Hof Leeuwarden 4 augustus 2008, ECLI:NL:GHLEE:2008:BE2745
- Hof Leeuwarden 26 april 2006, ECLI:NL:GHLEE:2006:AX6567
- Hof Leeuwarden 5 april 2006, ECLI:NL:GHLEE:2006:AX6530
- Hof Leeuwarden 10 maart 2006, ECLI:NL:GHLEE:2006:AW1876