Art. 6 BHW
Besluit huurprijzen woonruimte (BHW)
1. Bij de beoordeling van de redelijkheid van de in rekening te brengen huurprijs ingevolge artikel 12, eerste lid, of artikel 16, eerste lid, van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte neemt de huurcommissie in aanmerking of zich met betrekking tot de woonruimte een of meer van de omstandigheden, bedoeld in bijlage II van dit besluit, voordoen. Daarbij wordt door de huurcommissie ten laagste als de in rekening te brengen huurprijs die zij redelijk acht, vermeld:
a. indien zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in bijlage II, onder 1, categorie A, van dit besluit: 20% van de overeengekomen huurprijs;
b. indien zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in bijlage II, onder 1, categorie B, van dit besluit: 30% van de overeengekomen huurprijs;
c. indien zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in bijlage II, onder 1, categorie C, van dit besluit: 40% van de overeengekomen huurprijs.
2. Teneinde huurder en verhuurder inzicht te bieden in het beleid van de huurcommissie inzake de in het eerste lid bedoelde categorieën en de daarbij behorende verlaging van de in rekening te brengen huurprijs die de huurcommissie doorgaans redelijk zal achten, stellen het bestuur en de zittingsvoorzitters op basis van door hen geformuleerde regels een geschrift op, genaamd gebrekenboek. Het gebrekenboek is openbaar en ligt bij de huurcommissie ter inzage.
3. In het gebrekenboek, bedoeld in het tweede lid, wordt voor ieder van de in bijlage II, onder 1, categorieën A, B en C, van dit besluit bedoelde omstandigheden aangegeven welke de door de huurcommissie ten laagste uit te spreken in rekening te brengen huurprijs zal zijn.
4. Indien de huurcommissie de in bijlage II, onder 1, van dit besluit beschreven categorieën heeft onderverdeeld naar de mate van de ernst waarin de bewoonbaarheid naar haar oordeel wordt geschaad, is het derde lid op die onderverdeling van overeenkomstige toepassing.
5. Indien zich tegelijkertijd twee of meer omstandigheden voordoen als bedoeld in bijlage II, onder 1, categorieën A, B en C, van dit besluit wordt voor de toepassing van het eerste lid door de huurcommissie ten laagste als de in rekening te brengen huurprijs die zij redelijk acht, vermeld de huurprijs, behorend bij de omstandigheid waarvan door het bestuur en de zittingsvoorzitters in het gebrekenboek de laagste in rekening te brengen huurprijs is aangegeven.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof 's-Hertogenbosch 1 oktober 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3593
- Rb. Amsterdam 11 juli 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BX1260
- Hof 's-Gravenhage 25 mei 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BA6751
- Hof Arnhem-Leeuwarden 1 april 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:1925
- Rb. Rotterdam 17 mei 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:5754
- Rb. Midden-Nederland 21 september 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:5278
- Rb. Gelderland 23 maart 2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:5023
- Hof 's-Hertogenbosch 30 juni 2009, ECLI:NL:GHSHE:2009:BK2055
- Hof Arnhem-Leeuwarden 9 mei 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:3927
- Rb. Zeeland-West-Brabant 8 juli 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:6239
- Rb. Zeeland-West-Brabant 29 april 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:3794
- Rb. Zeeland-West-Brabant 16 juli 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:4731
- Rb. Zeeland-West-Brabant 18 juni 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:3962
- Rb. Zeeland-West-Brabant 15 januari 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:3741
- Rb. Zwolle-Lelystad 8 september 2009, ECLI:NL:RBZLY:2009:BK2766
- Rb. Utrecht 15 juli 2009, ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ3332
- Rb. Rotterdam 31 januari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:1381
- Rb. Rotterdam 23 december 2022, ECLI:NL:RBROT:2022:11616
- Rb. Rotterdam 30 oktober 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:10692
- Rb. Rotterdam 25 november 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:10416