Rb. Zeeland-West-Brabant 29 april 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:3794

Verhuurder vordert betaling van achterstallige huur. Huurder betaalt al langere tijd de huur van zijn woning niet, omdat hij wil dat de verhuurder bepaalde gebreken herstelt. Bij verhuurder waren echter geen klachten bekend. Het eerste verzoek om herstel dat vast staat, is pas van na de dagvaarding. Bovendien blijkt niet dat de gebreken zo ernstig zijn dat huurder de volledige huur mocht opschorten. Huurder krijgt met een terme de grâce een laatste mogelijkheid om de ook gevorderde ontbinding en ontruiming te voorkomen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken