Art. 4 Wml, Algemene bepalingen
Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml)
1. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder werknemer verstaan de natuurlijke persoon, die overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2 of 3 in dienstbetrekking staat.
2. Wie zijn dienstbetrekking niet binnen het Rijk vervult, wordt slechts als werknemer beschouwd, indien hij binnen het Rijk woont en zijn werkgever eveneens binnen het Rijk woont of gevestigd is. Voor zover een werkgever binnen het Rijk een vaste inrichting voor de uitoefening van zijn bedrijf of beroep of een binnen het Rijk wonende of gevestigde vaste vertegenwoordiger heeft, wordt hij voor de toepassing van de vorige volzin gelijkgesteld met een binnen het Rijk gevestigde werkgever.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat personen, die niet binnen het Rijk wonen, ook als werknemer worden beschouwd, voor zover zij hun dienstbetrekking buiten het Rijk vervullen.
4. Voor de toepassing van de vorige leden worden schepen en luchtvaartuigen, welke binnen het Rijk hun thuishaven hebben, ten opzichte van de werkgever en de bemanning beschouwd als deel van het Rijk.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 17 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1235
- ABRvS 13 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR1401
- Rb. Den Haag 13 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:7860
- ABRvS 21 april 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BM1806
- Rb. Overijssel 10 januari 2020, ECLI:NL:RBOVE:2020:86
- Rb. Oost-Brabant 14 februari 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:480
- Rb. Noord-Holland 2 december 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:11545
- Rb. Noord-Holland 2 december 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:11544
- Rb. Midden-Nederland 13 februari 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:478
- Rb. Midden-Nederland 28 januari 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:311
- Rb. Midden-Nederland 21 januari 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:196
- Rb. Den Haag 26 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:5188
- Conclusie A-G Huydecoper 24 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9612
- Hof Den Haag 24 juli 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:1718