Art. 195 Mijnreglement 1964, De luchtverversing in de ondergrondse werken
De luchtverversing moet zodanig zijn, dat tenminste 3 m3 verse lucht per man en per minuut aan de ondergrondse werken wordt toegevoerd.
De luchtverversing moet zodanig zijn, dat tenminste 3 m3 verse lucht per man en per minuut aan de ondergrondse werken wordt toegevoerd.