Art. 56 Wet op de Ruimtelijke Ordening, Bezwaar en beroep

Wet op de Ruimtelijke Ordening

1. Voor de toepassing van artikel 6:13 van de Algemene wet bestuursrecht op een beroep als bedoeld in artikel 54, tweede lid, onder d en e, wordt het inbrengen van bedenkingen overeenkomstig artikel 27, eerste of tweede lid, aangemerkt als het naar voren brengen van zienswijzen als bedoeld in artikel 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht.

2. In afwijking van artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State worden ingesteld door uitsluitend:

a. het algemeen bestuur van het regionaal openbaar lichaam tegen een besluit van gedeputeerde staten tot onthouding van goedkeuring aan een regionaal structuurplan of een herziening daarvan;

b. het in eerste aanleg bevoegde gezag tegen een besluit houdende een aanwijzing krachtens artikel 41, vierde lid.

Uitspraken die dit artikel aanhalen