Art. 29f AWR, Beroep in cassatie bij de Hoge Raad
Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR)
1. In geval van intrekking van het beroep in cassatie door Onze Minister, kan Onze Minister op verzoek van de belanghebbende bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht in de kosten worden veroordeeld.
2. De griffier zendt een door hem voor eensluidend getekend afschrift van de intrekking onverwijld aan die belanghebbende.
3. De artikelen 6:5 tot en met 6:9, 6:11, 6:14, 6:15, 6:17, 6:21 en 8:75a, tweede lid, eerste en tweede volzin, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing, alsmede de artikelen 29c en 29d.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Wattel 17 november 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1042
- Conclusie A-G Wattel 25 oktober 2024, ECLI:NL:PHR:2024:1118
- HR 11 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1142
- Hof 's-Hertogenbosch 22 mei 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:1730
- Conclusie A-G Valk 28 januari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:158
- HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:62
- HR 26 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR6509
- Hof Den Haag 19 februari 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:247
- Conclusie A-G VAN HILTEN 20 november 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ5042
- HR 13 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:900
- HR 13 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:897
- HR 6 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:861
- HR 11 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1144
- HR 11 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1143
- HR 8 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1170
- HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:65
- HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2667
- HR 10 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV3284
- HR 10 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV3155
- HR 7 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU3941