Art. 49 Stoombesluit, Bijzondere bepalingen met betrekking tot hierbij nader omschreven stoomketels en dampketels
Ketels, welke worden verhit door electrische stroom door de vloeistof te voeren, moeten zijn voorzien van:
1e. een of meer veiligheidskleppen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 40, lid 1 en 2;
2e. een manometer;
3e. een thermometer, indien het Districtshoofd dit nodig oordeelt.