Art. 14 Wegw, Bepalingen in het bijzonder betreffende burgerlijke rechten ten aanzien van wegen
1. Behoudens de beperkingen in het gebruik, als bedoeld in artikel 6 en behoudens het bepaalde bij het volgend lid, hebben de rechthebbende op en de onderhoudplichtige van een weg alle verkeer over den weg te dulden.
2. De rechthebbende op en de onderhoudplichtige van een tot den weg behoorenden berm hebben alle verkeer over den berm te dulden, voor zoover het door omstandigheden wordt gebillijkt.
3. De rechthebbende op en de onderhoudplichtige van een weg of een tot den weg behoorenden berm of een tot den weg behoorende bermsloot hebben bovendien te dulden:
I. de uitvoering van alle werken tot onderhoud of verbetering van den weg;
II. de uitvoering van alle werken vereischt voor aansluiting van wegen en uitwegen;
III. het aanwezig zijn, plaatsen en onderhouden van voorwerpen, boven, op en in den weg, of den daartoe behoorenden berm of de daartoe behoorende bermsloot ten behoeve van het verkeer over den weg, van de onder I en II omschreven werken en van de uitvoering daarvan.
4. De rechthebbende op en de onderhoudplichtige van een tot den weg behoorenden berm of een tot den weg behoorende bermsloot hebben ter zake, in het voorgaande lid omschreven, recht op schadevergoeding doch, voor zooveel schade wordt geleden door hetgeen strekt tot onderhoud of verbetering van den weg, alleen dan, wanneer het recht op den berm of de bermsloot meer is beperkt, of de onderhoudslast daarvan meer is verzwaard, dan gebruikelijk was ten opzichte van dien berm of die bermsloot.
5. Het eerste en tweede lid laten onverlet de heffing van de toltarieven, bedoeld in de Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15, en de heffing van de tarieven voor de vrachtwagenheffing, bedoeld in de Wet vrachtwagenheffing.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 16 mei 1986, ECLI:NL:HR:1986:AC9347
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:807
- ABRvS 9 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2990
- HR 7 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5401
- ABRvS 24 april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1706
- ABRvS 7 mei 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2070
- Rb. Gelderland 24 september 2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:6072
- Conclusie A-G Franx 16 mei 1986, ECLI:NL:PHR:1986:AC9347
- HR 23 mei 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZD0054
- ABRvS 4 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0787
- ABRvS 24 maart 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO6107
- Rb. Noord-Nederland 1 september 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:4916
- Rb. Midden-Nederland 14 maart 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:1364
- Rb. Gelderland 18 februari 2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:1020
- Rb. Assen 28 augustus 2012, ECLI:NL:RBASS:2012:BY2948
- Conclusie A-G Rank-Berenschot 9 april 2021, ECLI:NL:PHR:2021:356
- Conclusie A-G Wissink 1 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU5609
- Conclusie A-G Huydecoper 12 maart 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN8483
- HR 9 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2079
- Hof Den Haag 22 januari 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:23