Art. 10b Opw
1. Hij die handelt in strijd met een in artikel 2a, eerste lid, gegeven verbod wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de derde categorie.
2. Hij die opzettelijk handelt in strijd met een in artikel 2a, eerste lid, gegeven verbod wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.
3. Indien het opzettelijk handelen in strijd met het in de artikelen 2a, eerste lid, onderdelen A of C, en 3b, eerste lid, gegeven verbod betrekking heeft op een geringe hoeveelheid, bestemd voor eigen gebruik, wordt gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie opgelegd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Zeeland-West-Brabant 13 mei 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4053
- Rb. Zeeland-West-Brabant 19 december 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:9179
- Rb. Rotterdam 15 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:8477
- Rb. Rotterdam 13 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:7193
- Rb. Rotterdam 15 april 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:5306
- Rb. Rotterdam 6 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:3341
- Rb. Rotterdam 31 augustus 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:11072
- Rb. Oost-Brabant 4 november 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:7138
- Rb. Noord-Nederland 22 september 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:4272
- Rb. Noord-Nederland 22 september 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:4269
- Rb. Noord-Holland 9 juli 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:8776
- Rb. Den Haag 17 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:16289
- Rb. Amsterdam 14 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8006
- Rb. Amsterdam 14 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8005