Art. 565 Sv, Opnamen van beeld, geluid of beeld en geluid als onderdeel van de verslaglegging en als wettig bewijsmiddel

Wetboek van Strafvordering (Sv)

1. Artikel 301 is van overeenkomstige toepassing op opnamen van beeld, geluid of beeld en geluid, met dien verstande dat daar waar wordt gesproken van de voorlezing van stukken, daaronder wordt verstaan het vertonen of ten gehore brengen van die opnamen.

2. Artikel 331, eerste lid, is van toepassing.

Uitspraken die dit artikel aanhalen