Art. 5.2.4 Sv, (overdracht resultaten onderzoek)
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Stukken, voorwerpen en gegevens die in Nederland zijn vergaard met gebruikmaking van enige strafvorderlijke bevoegdheid ten behoeve van het onderzoek van het gemeenschappelijk onderzoeksteam, bedoeld in artikel 5.2.1, dat buiten Nederland is gevestigd, kunnen onmiddellijk voorlopig ter beschikking worden gesteld van het onderzoeksteam.
2. De officier van justitie die betrokken is bij het gemeenschappelijk onderzoeksteam verbindt aan de voorlopige terbeschikkingstelling, bedoeld in het eerste lid, de voorwaarden dat het Nederlandse recht onverkort blijft gelden ten aanzien van die stukken, voorwerpen en gegevens en dat het gebruik daarvan als bewijsmiddel pas mogelijk is, nadat deze definitief ter beschikking worden gesteld.
3. De officier van justitie kan de stukken, voorwerpen en gegevens, bedoeld in het eerste lid, definitief ter beschikking stellen van het gemeenschappelijk onderzoeksteam dat in het buitenland is gevestigd, voor zover en indien van toepassing, de rechtbank daartoe verlof heeft verleend.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 22 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:612
- Rb. Limburg 26 april 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:3227
- Rb. Zeeland-West-Brabant 26 augustus 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:5995
- Rb. Zeeland-West-Brabant 26 augustus 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:5994
- Rb. Zeeland-West-Brabant 26 augustus 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:5985
- Rb. Limburg 22 november 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:9412
- Rb. Limburg 22 november 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:9411
- Rb. Amsterdam 30 juni 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:7073
- Conclusie A-G Harteveld 8 maart 2022, ECLI:NL:PHR:2022:221
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:4245
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:4178
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:4154