Art. 216a Sv, Het verhoor van den getuige
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. De rechter-commissaris beëdigt de getuige dat hij de gehele waarheid en niets dan de waarheid zal zeggen.
2. Indien een getuige met een psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap naar het oordeel van de rechter-commissaris, de betekenis van de eed niet voldoende beseft, of indien de getuige de leeftijd van zestien jaar nog niet heeft bereikt, wordt hij niet beëdigd, maar aangemaand de gehele waarheid en niets dan de waarheid te zeggen.
3. De rechter-commissaris beëdigt de deskundige dat hij naar waarheid en zijn geweten zal verklaren.
4. De reden van beëdiging of aanmaning wordt in het proces-verbaal vermeld.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 27 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1244
- Conclusie A-G Hofstee 27 augustus 2024, ECLI:NL:PHR:2024:830
- Conclusie A-G Keulen 28 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1613
- Conclusie A-G Vellinga 11 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:437
- Conclusie A-G Machielse 20 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT6396
- HR 22 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1511
- HR 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT6396