Art. 361 Sr, Ambtsmisdrijven
1. De ambtenaar of een ander met enige openbare dienst voortdurend of tijdelijk belast persoon, die opzettelijk zaken bestemd om voor de bevoegde macht tot overtuiging of bewijs te dienen, akten, bescheiden of registers, welke hij in zijn bediening onder zich heeft verduistert, vernielt, beschadigt of onbruikbaar maakt, of toelaat dat zij door een ander worden weggemaakt, vernield, beschadigd of onbruikbaar gemaakt, of die ander daarbij als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren en zes maanden of geldboete van de vijfde categorie.
2. Onder bevoegde macht wordt mede verstaan: een internationaal gerecht dat zijn rechtsmacht ontleent aan een verdrag waarbij het Koninkrijk partij is.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 31 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BQ8891
- Rb. Middelburg 11 oktober 2006, ECLI:NL:RBMID:2006:AY9961
- Rb. Haarlem 23 januari 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ6780
- Rb. Haarlem 23 januari 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ6779
- Rb. Den Haag 28 mei 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:5407
- Rb. Amsterdam 15 november 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:8137
- Conclusie A-G Sinnige 11 februari 2025, ECLI:NL:PHR:2025:94
- Conclusie A-G Harteveld 20 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:214
- Conclusie A-G Knigge 31 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BQ8891
- Conclusie A-G Fokkens 11 oktober 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AU4097
- HR 11 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU4097
- Hof 's-Hertogenbosch 12 november 2013, ECLI:NL:GHSHE:2013:5264
- Hof Arnhem-Leeuwarden 28 juli 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:6508
- Hof Amsterdam 14 september 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BT1927