Art. 2 Verordening (EU) 2019/1241, Toepassingsgebied
1. Deze verordening is van toepassing op de activiteiten die worden uitgeoefend door vissersvaartuigen van de Unie en onderdanen van de lidstaten, onverminderd de primaire verantwoordelijkheid van de vlaggenstaat, in de in artikel 5 bedoelde visserijzones, en door vissersvaartuigen die de vlag voeren van en geregistreerd zijn in derde landen, wanneer zij in de Uniewateren vissen.
2. De artikelen 7, 10, 11 en 12 zijn tevens van toepassing op recreatievisserij. In gevallen waarbij recreatievisserij een significante impact heeft op een bepaalde regio, is de Commissie bevoegd op grond van artikel 15 en overeenkomstig artikel 29 gedelegeerde handelingen tot wijziging van deze verordening vast te stellen door te bepalen dat de relevante bepalingen van artikel 13 of deel A of C van de bijlagen V tot en met X ook van toepassing zijn op recreatievisserij.
3. Onder de in de artikelen 25 en 26 vastgestelde voorwaarden zijn de in deze verordening vastgestelde technische maatregelen niet van toepassing op visserijactiviteiten die uitsluitend worden uitgeoefend ten behoeve van:
a) wetenschappelijk onderzoek, of
b) de rechtstreekse uitzetting of de overbrenging van mariene soorten.