Art. 23 Verordening (EU) 2019/1111, Ontvangst en verwerking van verzoeken door centrale autoriteiten

Verordening (EU) 2019/1111

1. De aangezochte centrale autoriteit verwerkt een in artikel 22 bedoeld verzoek uit hoofde van het Verdrag van ’s-Gravenhage van 1980 met bekwame spoed.

2. Wanneer de centrale autoriteit van de aangezochte lidstaat een in artikel 22 bedoeld verzoek ontvangt, bevestigt zij hiervan ontvangst binnen vijf werkdagen na de datum van ontvangst van het verzoek. Zij informeert onverwijld de centrale autoriteit van de verzoekende lidstaat of de verzoeker, naargelang het geval, over de initiële stappen die zijn genomen of zullen worden genomen om het verzoek te verwerken, en zij kan om de nodige bijkomende documenten en informatie verzoeken.