Art. 6 Richtlijn (EU) 2019/520, Rechten en plichten van tolheffers
1. Indien een EETS-gebied niet voldoet aan de in deze richtlijn gestelde technische en procedurele EETS-interoperabiliteitsvoorwaarden, neemt de lidstaat op het grondgebied waarvan het EETS-gebied ligt, de nodige maatregelen opdat de verantwoordelijke tolheffer het probleem met de betrokken belanghebbenden bespreekt en neemt hij, mits hij daarvoor bevoegd is, maatregelen opdat de EETS-interoperabiliteit van het tolheffingssysteem gewaarborgd is. Indien nodig werkt de lidstaat het in artikel 21, lid 1, bedoelde register bij met betrekking tot de onder a) daarvan bedoelde informatie.
2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen opdat iedere tolheffer die verantwoordelijk is voor een EETS-gebied op het grondgebied van de lidstaat, een EETS-gebiedsverklaring opstelt en in stand houdt met de algemene voorwaarden voor EETS-aanbieders inzake toegang tot zijn EETS-gebieden, zulks overeenkomstig de in lid 9 bedoelde uitvoeringshandelingen.
Indien een nieuw elektronisch tolheffingssysteem voor het wegverkeer wordt opgezet op het grondgebied van een lidstaat, neemt die lidstaat de nodige maatregelen opdat de aangewezen tolheffer die verantwoordelijk is voor dat systeem, de EETS-gebiedsverklaring tijdig genoeg bekendmaakt om geïnteresseerde EETS-aanbieders uiterlijk een maand voor de operationele start van het nieuwe systeem te kunnen accrediteren, met inachtneming van de duur van de procedure in verband met de beoordeling van de conformiteit met de specificaties en de geschiktheid voor gebruik van interoperabiliteitsonderdelen als bedoeld in artikel 15, lid 1.
Indien een elektronisch tolheffingssysteem voor het wegverkeer op het grondgebied van een lidstaat ingrijpend wordt gewijzigd, neemt die lidstaat de nodige maatregelen opdat de tolheffer die verantwoordelijk is voor het systeem, de bijgewerkte EETS-gebiedsverklaring tijdig genoeg bekendmaakt om reeds geaccrediteerde EETS-aanbieders in staat te stellen hun interoperabiliteitsonderdelen aan te passen aan de nieuwe vereisten en om hen uiterlijk een maand voor de operationele start van het gewijzigde systeem opnieuw te kunnen accrediteren, met inachtneming van de duur van de procedure in verband met de beoordeling van de conformiteit met de specificaties en de geschiktheid voor gebruik van interoperabiliteitsonderdelen als bedoeld in artikel 15, lid 1.
3. De lidstaten nemen de nodige maatregelen opdat tolheffers die verantwoordelijk zijn voor EETS-gebieden op hun grondgebied, op niet-discriminerende wijze toegang verlenen aan elke EETS-aanbieder die EETS wenst aan te bieden in een of meer van de bedoelde EETS-gebieden.
Een EETS-aanbieder wordt in een EETS-gebied aanvaard indien hij voldoet aan de verplichtingen en algemene voorwaarden die in de EETS-gebiedsverklaring zijn vermeld.
De lidstaten nemen de nodige maatregelen opdat tolheffers niet van de EETS-aanbieders verlangen dat zij specifieke technische oplossingen of processen gebruiken die de interoperabiliteit van de interoperabiliteitsonderdelen van een EETS-aanbieder met elektronische tolheffingssystemen voor het wegverkeer in andere EETS-gebieden belemmeren.
Indien de tolheffer en de EETS-aanbieder geen overeenstemming bereiken, kan de zaak worden voorgelegd aan de bemiddelende instantie die verantwoordelijk is voor het bedoelde tolgebied.
4. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen opdat de overeenkomsten tussen de tolheffer en de EETS-aanbieder, met betrekking tot het aanbieden van EETS op het grondgebied van die lidstaat, het mogelijk maken dat de factuur voor het tolgeld rechtstreeks door de EETS-aanbieder aan de EETS-gebruiker wordt gestuurd.
De tolheffer kan eisen dat de EETS-aanbieder de factuur voor de gebruiker uitschrijft in naam van en voor rekening van de tolheffer, en de EETS-aanbieder voldoet aan die eis.
5. Het tolgeld dat de tolheffer int van EETS-gebruikers bedraagt niet meer dan het dienovereenkomstige nationale of lokale tolgeld. Dit doet geen afbreuk aan het recht van de lidstaten om restituties of kortingen in te voeren om het gebruik van elektronische tolbetalingen te stimuleren. Alle restituties van of kortingen op tolgelden die door een lidstaat of tolheffer worden aangeboden aan gebruikers van boordapparatuur moeten transparant zijn, openbaar worden aangekondigd en onder dezelfde voorwaarden beschikbaar zijn voor klanten van EETS-aanbieders.
6. De lidstaten nemen de nodige maatregelen opdat tolheffers in hun EETS-gebieden alle operationele boordapparatuur toelaten die wordt gebruikt door EETS-aanbieders met wie zij een contractuele relatie onderhouden op voorwaarde dat de apparatuur gecertificeerd is overeenkomstig de in de in artikel 15, lid 7, bedoelde uitvoeringshandelingen omschreven procedure, en niet voorkomt op een lijst van ongeldig verklaarde boordapparatuur zoals bedoeld in artikel 5, lid 5.
7. Bij een aan de tolheffer toerekenbare EETS-storing voorziet de tolheffer in een beperkte dienstverlening waarbij voertuigen die zijn uitgerust met de in lid 6 bedoelde apparatuur zich veilig kunnen verplaatsen met zo min mogelijk oponthoud en zonder ervan te worden verdacht geen wegentol te hebben betaald.
8. De lidstaten nemen de nodige maatregelen opdat tolheffers op niet-discriminerende wijze met EETS-aanbieders, of fabrikanten of aangemelde instanties samenwerken bij de beoordeling van de geschiktheid voor gebruik van interoperabiliteitsonderdelen in hun EETS-gebieden.
9. De Commissie stelt uiterlijk op 19 oktober 2019 uitvoeringshandelingen vast ter bepaling van de minimuminhoud van de EETS-gebiedsverklaring, met inbegrip van:
a) de eisen voor EETS-aanbieders;
b) de procedurele voorwaarden, met inbegrip van commerciële voorwaarden;
c) de procedure voor de accreditatie van EETS-aanbieders, en
d) de tolcontextgegevens.
Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 31, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.