Art. 83 Verordening (EU) 2018/1046, Inhoud en bijhouden van de begrotingsboekhouding

Verordening (EU) 2018/1046

1. In de begrotingsboekhouding worden voor elk onderdeel van de begroting geregistreerd:

a) wat betreft de uitgaven:

i) de in de begroting uitgetrokken kredieten, met inbegrip van de kredieten van de gewijzigde begrotingen, de overgedragen kredieten, de kredieten die beschikbaar zijn als gevolg van de inning van bestemmingsontvangsten, de overgeschreven kredieten en het totale bedrag van de beschikbaar gestelde kredieten;

ii) de vastleggingskredieten en de betalingskredieten van het begrotingsjaar;

b) wat betreft de ontvangsten:

i) de ramingen van de begroting, met inbegrip van de ramingen van de gewijzigde begrotingen, de bestemmingsontvangsten en het totale bedrag van de geraamde ontvangsten;

ii) de vastgestelde rechten en de invorderingen van het begrotingsjaar;

c) de nog te betalen vastleggingen en de nog te innen ontvangsten van de voorgaande begrotingsjaren.

De in de eerste alinea, onder a), bedoelde vastleggingskredieten en betalingskredieten worden afzonderlijk geregistreerd en gevolgd.

2. De begrotingsboekhouding maakt afzonderlijk toezicht mogelijk op:

a) het gebruik van de overgedragen kredieten en de kredieten van het begrotingsjaar;

b) de betaalbaarstelling van nog te betalen vastleggingen.

Aan de ontvangstenzijde wordt op de nog te innen schuldvorderingen van voorgaande begrotingsjaren afzonderlijk toezicht gehouden.

Vorige artikelen

Volgende artikelen