Art. 75 Verordening (EU) 2018/1046, Bewaring van bewijsstukken door de ordonnateurs

Verordening (EU) 2018/1046

De ordonnateur stelt op papier gebaseerde of elektronische systemen in voor de bewaring van originele bewijsstukken met betrekking tot de uitvoering van de begroting. Deze bewijsstukken worden bewaard gedurende een periode van ten minste vijf jaar na de datum waarop het Europees Parlement kwijting verleent voor het begrotingsjaar waarop de bewijsstukken betrekking hebben.

Onverminderd de eerste alinea worden bewijsstukken met betrekking tot verrichtingen bewaard tot het einde van het jaar dat volgt op de definitieve afsluiting van die verrichtingen.

Persoonsgegevens in de bewijsstukken worden, waar mogelijk, verwijderd, wanneer deze gegevens niet noodzakelijk zijn voor begrotingskwijting, controle en audit. Artikel 37, lid 2, van Verordening (EG) nr. 45/2001 is van toepassing wat de bewaring van verkeersgegevens betreft.

Vorige artikelen

Volgende artikelen