Art. 62 Verordening (EU) 2018/1046, Wijzen van uitvoering van de begroting
1. De Commissie voert de begroting op een of meer van de volgende wijzen uit:
a) op directe wijze („direct beheer”) zoals beschreven in de artikelen 125 tot en met 153, via haar diensten, met inbegrip van haar personeel in de delegaties van de Unie onder leiding van het respectievelijke delegatiehoofd, overeenkomstig artikel 60, lid 2, of via uitvoerende agentschappen als bedoeld in artikel 69;
b) in gedeeld beheer met de lidstaten („gedeeld beheer”) zoals beschreven in de artikelen 63 en 125 tot en met 129;
c) op indirecte wijze („indirect beheer”) zoals beschreven in de artikelen 125 tot en met 149 en de artikelen 154 tot en met 159, wanneer de basishandeling daarin voorziet of in de in artikel 58, lid 2, onder a) tot en met d), genoemde gevallen, door taken tot uitvoering van de begroting toe te vertrouwen aan:
i) derde landen of de door hen aangewezen organen;
ii) internationale organisaties of hun agentschappen, in de zin van artikel 156;
iii) de Europese Investeringsbank („EIB”) of het Europees Investeringsfonds („EIF”) of beide optredend als groep („de EIB-groep”);
iv) de in de artikelen 70 en 71 bedoelde organen van de Unie;
v) publiekrechtelijke organen, met inbegrip van lidstaatsorganisaties;
vi) privaatrechtelijke organen met een openbaredienstverleningstaak, met inbegrip van lidstaatsorganisaties, voor zover zij zijn voorzien van voldoende financiële garanties;
vii) privaatrechtelijke organen van een lidstaat, waaraan de uitvoering van een publiek-privaat partnerschap is toevertrouwd en die zijn voorzien van voldoende financiële garanties;
viii) organen of personen aan wie de uitvoering van specifieke maatregelen op het gebied van het GBVB in het kader van titel V van het VEU is toevertrouwd en die worden genoemd in de betrokken basishandeling.
Met betrekking tot eerste alinea, onder c), vi), kan het bedrag van de vereiste financiële garanties in de betrokken basishandeling zijn opgenomen en kan dit beperkt zijn tot het maximumbedrag van de bijdrage van de Unie aan het betrokken orgaan. In het geval van meervoudige borgen wordt de verdeling van het bedrag van de totale verplichting die door de garanties wordt gedekt, gespecificeerd in de bijdrageovereenkomst, die kan bepalen dat de aansprakelijkheid voor elke borg evenredig moet zijn met het aandeel van de respectieve bijdrage ervan aan het orgaan.
2. Voor direct beheer kan de Commissie de in de titels VII, VIII, IX, X en XII genoemde instrumenten gebruiken.
Voor gedeeld beheer worden de instrumenten voor de uitvoering van de begroting in sectorspecifieke regelgeving bepaald.
Voor indirect beheer past de Commissie titel VI en, in het geval van financieringsinstrumenten en begrotingsgaranties, de titels VI en X toe. De uitvoerende entiteiten gebruiken de instrumenten voor de uitvoering van de begroting die in de betrokken bijdrageovereenkomst staan.
3. De Commissie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de begroting overeenkomstig artikel 317 VWEU en delegeert die taken niet aan derden indien deze taken een ruime beoordelingsmarge inhouden die door politieke keuzen kan worden bepaald.
De Commissie kan niet, door middel van overeenkomsten in overeenstemming met titel VII van deze verordening, taken uitbesteden die het uitoefenen van openbaar gezag en discretionaire beoordelingsbevoegdheden met zich brengen.