Art. 53 Verordening (EU) 2018/858, Corrigerende en beperkende maatregelen op Unieniveau
1. De lidstaat die overeenkomstig artikel 52 corrigerende of beperkende maatregelen neemt, stelt de Commissie en de andere lidstaten hiervan onverwijld in kennis, met behulp van ICSMS. Die lidstaat stelt tevens de goedkeuringsinstantie die de goedkeuring heeft verleend, onverwijld op de hoogte van zijn bevindingen.
De verstrekte informatie omvat alle bekende bijzonderheden, met name de gegevens die nodig zijn om het betrokken voertuig, systeem, onderdeel of de betrokken technische eenheid te identificeren en om de oorsprong en de aard van de beweerde niet-conformiteit en van het risico in kwestie, en de aard en de duur van de genomen nationale corrigerende en beperkende maatregelen, vast te stellen, alsmede de argumenten die door de betrokken marktdeelnemer worden aangevoerd.
2. De lidstaat die de corrigerende of beperkende maatregel neemt, vermeldt tevens of het risico of de niet-conformiteit een van de volgende redenen heeft:
a) het voertuig, het systeem, het onderdeel of de technische eenheid voldoet niet aan de voorschriften met betrekking tot de gezondheid of veiligheid van personen, de bescherming van het milieu of andere onder deze verordening vallende aspecten van de bescherming van algemene belangen, of
b) de toepasselijke in bijlage II vermelde regelgevingshandelingen vertonen tekortkomingen.
3. De lidstaten, met uitzondering van de lidstaat die corrigerende of beperkende maatregelen neemt, brengen de Commissie en de andere lidstaten binnen een maand na de in lid 1 bedoelde kennisgeving op de hoogte van door hen genomen corrigerende of beperkende maatregelen en van aanvullende informatie waarover zij beschikken met betrekking tot de niet-conformiteit en het risico dat is verbonden aan het betrokken voertuig, systeem, onderdeel of de betrokken technische eenheid, evenals van hun bezwaren indien zij het met de gemelde nationale maatregel niet eens zijn.
4. Indien binnen een maand na de in lid 1 bedoelde kennisgeving geen bezwaar tegen een gemelde nationale maatregel is gemaakt door een andere lidstaat of door de Commissie, wordt die maatregel geacht gerechtvaardigd te zijn. De andere lidstaten zorgen ervoor dat op hun grondgebied onverwijld vergelijkbare corrigerende of beperkende maatregelen ten aanzien van het betrokken voertuig, systeem, onderdeel of de betrokken technische eenheid worden genomen.
5. Indien binnen een maand na de in lid 1 bedoelde kennisgeving een andere lidstaat of de Commissie bezwaar maakt tegen een gemelde nationale maatregel, of indien de Commissie van mening is dat een gemelde nationale maatregel in strijd is met het Unierecht, raadpleegt de Commissie onverwijld de betrokken lidstaten en de betrokken marktdeelnemer(s).
Aan de hand van de in de eerste alinea van dit lid bedoelde raadpleging stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast waarin wordt beslist over geharmoniseerde corrigerende of beperkende maatregelen op Unieniveau. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 83, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.
De Commissie brengt de in de tweede alinea bedoelde beslissing onmiddellijk ter kennis van de betrokken marktdeelnemer of marktdeelnemers. De lidstaten voeren dergelijke handelingen onverwijld uit en zij brengen de Commissie daarvan op de hoogte.
Indien de Commissie een gemelde nationale maatregel niet gerechtvaardigd acht, trekt de betrokken lidstaat overeenkomstig de in de tweede alinea bedoelde beslissing van de Commissie de maatregel in of past hij deze aan.
6. Indien de Commissie naar aanleiding van de tests en keuringen die zij overeenkomstig artikel 9 verricht, vaststelt dat een corrigerende of beperkende maatregel op Unieniveau nodig is, voert zij onverwijld overleg met de betrokken lidstaten en de betrokken marktdeelnemer of marktdeelnemers.
Aan de hand van de in de eerste alinea van dit lid bedoelde raadpleging stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast waarin wordt beslist over corrigerende of beperkende maatregelen op Unieniveau. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 83, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.
De Commissie brengt de in de tweede alinea bedoelde beslissing onmiddellijk ter kennis van de betrokken marktdeelnemer of marktdeelnemers. De lidstaten voeren dergelijke handelingen onverwijld uit en zij brengen de Commissie daarvan op de hoogte.
7. Indien het risico of de niet-conformiteit wordt toegeschreven aan tekortkomingen in regelgevingshandelingen vermeld in bijlage II, stelt de Commissie als volgt passende maatregelen voor:
a) indien het rechtshandelingen van de Unie betreft, stelt de Commissie de nodige wijzigingen van de betrokken handelingen voor;
b) indien het VN-reglementen betreft, stelt de Commissie de nodige ontwerpwijzigingen van de toepasselijke VN-reglementen voor volgens de procedure die krachtens de herziene overeenkomst van 1958 van toepassing is.
8. Wanneer een corrigerende maatregel overeenkomstig dit artikel gerechtvaardigd wordt geacht of onderworpen is aan de in lid 5 of lid 6 bedoelde uitvoeringshandelingen, worden die maatregelen kosteloos ter beschikking gesteld van houders van registraties voor de betrokken voertuigen. Wanneer op kosten van de houder van de registratie reparaties zijn uitgevoerd voordat de corrigerende maatregel is vastgesteld, vergoedt de fabrikant die reparaties tot het bedrag van de kosten van de ingevolge die corrigerende maatregel vereiste reparaties.