Art. 38 Verordening (EU) 2017/2403, Controle en handhaving

Verordening (EU) 2017/2403

1. Een vaartuig van een derde land dat is gemachtigd om in de wateren van de Unie te vissen, houdt zich aan de controleregels die van toepassing zijn op de visserijactiviteiten van Unievaartuigen in het visserijgebied waar het actief is.

2. Een vaartuig van een derde land dat is gemachtigd om in de wateren van de Unie te vissen, verstrekt aan de Commissie of aan de door haar aangewezen instantie en, indien van toepassing, aan de kustlidstaat, de gegevens die Unievaartuigen krachtens de controleverordening aan de vlaggenlidstaat moeten toezenden.

3. De Commissie of de door haar aangewezen instantie zendt de in lid 2 bedoelde gegevens toe aan de kustlidstaat.

4. Een vaartuig van een derde land dat is gemachtigd om in de wateren van de Unie te vissen, verstrekt op verzoek aan de Commissie of aan de door haar aangewezen instantie, de in het kader van de toepasselijke waarnemersprogramma's opgestelde waarnemersverslagen.

5. Een kustlidstaat registreert alle door vissersvaartuigen van derde landen begane inbreuken, met inbegrip van de bijbehorende sancties, in het in artikel 93 van de controleverordening bedoelde nationale register.

Vorige artikelen

Volgende artikelen