Art. 30 Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892, Tweedelijnscontroles op het uit de markt nemen van producten
Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892
1. De lidstaten verrichten op de locatie van de producentenorganisatie en van de ontvangers van uit de markt genomen producten tweedelijnscontroles op het uit de markt nemen van producten uit op basis van een risicoanalyse. In de risicoanalyse wordt rekening gehouden met de bevindingen bij eerdere eerste- en tweedelijnscontroles en met de vraag of de producentenorganisatie over enigerlei kwaliteitsborgingsprocedure beschikt. Op basis van deze risicoanalyse wordt de minimumfrequentie van de tweedelijnscontroles voor elke producentenorganisatie bepaald.
2. De in lid 1 bedoelde tweedelijnscontroles hebben betrekking op:
a) de specifieke voorraad- en boekhoudadministratie die moet worden gevoerd door elke producentenorganisatie die tijdens het betrokken verkoopseizoen producten uit de markt neemt;
b) de afgezette hoeveelheden die in de steunaanvragen zijn opgegeven, waarbij met name de voorraad- en boekhoudadministratie en de facturen worden gecontroleerd en wordt nagegaan of die opgaven in overeenstemming zijn met de boekhoudkundige en fiscale gegevens van de betrokken producentenorganisaties;
c) de rekeningen, en met name de waarheidsgetrouwheid van de netto-ontvangsten van de producentenorganisaties zoals opgegeven in hun betalingsaanvragen, en de evenredigheid van kosten die voor het uit de markt nemen van producten in rekening zijn gebracht, en
d) de bestemming van uit de markt genomen producten zoals opgegeven in de betalingsaanvraag, en de denaturering ervan.
3. Elke controle omvat een steekproef van ten minste 5 % van de hoeveelheden die de producentenorganisatie in de loop van het verkoopseizoen uit de markt heeft genomen.
4. De in lid 2, onder a), bedoelde specifieke voorraad- en boekhoudadministratie vermeldt voor elk uit de markt genomen product de volgende stromen, uitgedrukt in ton:
a) de productie die de leden van de producentengroepering en de leden van andere producentenorganisaties overeenkomstig artikel 12, lid 1, onder b) en c), van Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891 hebben geleverd;
b) de verkopen van de producentenorganisatie, naar producten die voor de markt voor verse producten zijn bestemd en producten die voor verwerking zijn bestemd, en
c) de uit de markt genomen producten.
5. De controles op de bestemming van de uit de markt genomen producten omvatten:
a) een steekproefsgewijze controle van de voorraadadministratie die ontvangers moeten voeren, en van de financiële boekhouding van de betrokken liefdadigheidsorganisaties en -instellingen wanneer artikel 46, lid 2, tweede alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891 van toepassing is, en
b) controles op de inachtneming van de desbetreffende milieuvereisten.
6. Wanneer bij de tweedelijnscontroles onregelmatigheden aan het licht komen, verrichten de lidstaten grondigere tweedelijnscontroles voor het betrokken jaar en verhogen zij in het daaropvolgende jaar de frequentie van de tweedelijnscontroles op de locatie van de betrokken producentenorganisaties of unies van producentenorganisaties.