Art. 33 Verordening (EU) 2017/460, Tariefbeginselen voor incrementele capaciteit

Verordening (EU) 2017/460

1. De minimumprijs waartegen transmissiesysteembeheerders een verzoek om incrementele capaciteit aanvaarden, is de referentieprijs. Voor de berekening van de economische test worden referentieprijzen afgeleid door in de referentieprijsmethodologie de relevante aannamen met betrekking tot het aanbod van incrementele capaciteit op te nemen.

2. Wanneer de in artikel 24, onder b), vastgestelde „vaste te betalen prijs”-benadering wordt geacht te zijn aangeboden voor incrementele capaciteit, wordt de in artikel 24, onder b), bedoelde reserveringsprijs gebaseerd op de geraamde investerings- en exploitatiekosten. Zodra de incrementele capaciteit beschikbaar wordt, wordt een dergelijke reserveringsprijs aangepast naar evenredigheid van het verschil, ongeacht of dit positief of negatief is, tussen de geraamde investeringskosten en de werkelijke investeringskosten.

3. In het geval dat de toewijzing van alle incrementele capaciteit tegen de referentieprijs niet voldoende inkomsten voor een positieve uitkomst van de economische test zou genereren, mag een verplichte minimumpremie worden toegepast in de eerste veiling waarop of bij het eerste alternatieve toewijzingsmechanisme waarmee de incrementele capaciteit wordt aangeboden. De verplichte minimumpremie mag ook worden toegepast op latere veilingen wanneer de capaciteit wordt aangeboden die aanvankelijk onverkocht bleef of wanneer capaciteit wordt aangeboden die aanvankelijk was gereserveerd overeenkomstig artikel 8, leden 8 en 9, van Verordening (EU) 2017/459. Het besluit of en op welke veiling een verplichte minimumpremie moet worden toegepast, wordt genomen overeenkomstig artikel 41, lid 6, onder a), van Richtlijn 2009/73/EG.

4. Het niveau van de verplichte minimumpremie maakt het mogelijk met de inkomsten die worden gegenereerd door de toewijzing van de capaciteit aangeboden op de eerste veiling waarop, of door middel van het eerste alternatieve toewijzingsmechanisme waarmee, de incrementele capaciteit wordt aangeboden, een positief resultaat van de economische test te behalen. De bandbreedte van het niveau van de verplichte minimumpremie, die afhankelijk is van de verwachte toegewezen capaciteit, wordt bij de relevante nationale regulerende instanties ter goedkeuring ingediend overeenkomstig artikel 25, lid 1, onder c), van Verordening (EU) 2017/459.

5. Een door de nationale regulerende instantie goedgekeurde verplichte minimumpremie wordt opgeteld bij de referentieprijs voor de gebundelde capaciteitsproducten in het respectieve interconnectiepunt en wordt exclusief toegerekend aan de transmissiesysteembeheerders waarvoor de verplichte minimumpremie werd goedgekeurd door de respectieve nationale regulerende instantie. Dit standaardbeginsel voor de toewijzing van een verplichte minimumpremie laat de verdeling van een mogelijke aanvullende veilingpremie overeenkomstig artikel 21, lid 3, of een alternatieve overeenkomst tussen de betrokken nationale regulerende instanties onverlet.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen