Art. 85, Essentiële voorschriften voor een plantenpaspoort voor het verkeer binnen het grondgebied van de Unie

Een plantenpaspoort voor het verkeer binnen het grondgebied van de Unie wordt afgegeven voor planten, plantaardige producten of andere materialen die aan de volgende voorschriften voldoen:

a) zij zijn vrij van EU-quarantaineorganismen, of van plaagorganismen waarvoor krachtens artikel 30, lid 1, vastgestelde maatregelen gelden;

b) zij voldoen aan de bepalingen van artikel 37, lid 1, met betrekking tot de aanwezigheid van door de EU gereglementeerde niet-quarantaineorganismen op voor opplant bestemde planten en aan de bepalingen van artikel 37, lid 4, wat betreft de te nemen maatregelen;

c) zij voldoen aan de voorschriften met betrekking tot het verkeer ervan binnen de Unie, zoals bedoeld in artikel 41, leden 2 en 3;

d) zij voldoen, waar van toepassing, aan de regels die zijn vastgesteld overeenkomstig de desbetreffende maatregelen uit hoofde van artikel 17, lid 3, artikel 28, lid 1, eerste alinea, onder a) tot en met d), artikel 28, lid 2, en artikel 30, leden 1 en 3; en

e) zij voldoen, waar van toepassing, aan maatregelen die door de bevoegde autoriteiten op grond van artikel 17, lid 1, zijn vastgesteld voor de uitroeiing van EU-quarantaineorganismen of, plaagorganismen waarvoor krachtens artikel 30, lid 1, vastgestelde maatregelen gelden, en op grond van artikel 29, lid 1, zijn vastgesteld voor de uitroeiing van plaagorganismen die voorlopig als EU-quarantaineorganismen worden aangemerkt.

Uitspraken die dit artikel aanhalen