Art. 12 Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/161, Gedeactiveerde unieke identificatiekenmerken
Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/161
Een geneesmiddel met een gedeactiveerd uniek identificatiekenmerk wordt niet verder gedistribueerd of aan het publiek afgeleverd, behalve in de volgende gevallen:
a) het uniek identificatiekenmerk is gedeactiveerd overeenkomstig artikel 22, onder a), en het geneesmiddel wordt gedistribueerd om het uit de Unie uit te voeren;
b) het uniek identificatiekenmerk is gedeactiveerd vóór de aflevering van het geneesmiddel aan het publiek als bedoeld in de artikelen 23, 26, 28 en 41;
c) het uniek identificatiekenmerk is gedeactiveerd overeenkomstig artikel 22, onder b) of c), of artikel 40, en het geneesmiddel wordt verstrekt aan de persoon die belast is met de verwijdering ervan;
d) het uniek identificatiekenmerk is gedeactiveerd overeenkomstig artikel 22, onder d), en het geneesmiddel wordt verstrekt aan de nationale bevoegde autoriteit.