Art. 4 Besluit (EU) 2015/1333

Besluit (EU) 2015/1333

1. De lidstaten inspecteren op hun grondgebied, met inbegrip van hun zee- en luchthavens, in overleg met hun nationale autoriteiten en in overeenstemming met hun nationale wetgeving en het internationale recht, in het bijzonder het zeerecht en de relevante internationale burgerluchtvaartovereenkomsten, alle vaartuigen en vliegtuigen naar en van Libië indien zij over informatie beschikken op grond waarvan een redelijk vermoeden bestaat dat de vracht van die vaartuigen of vliegtuigen goederen bevat waarvan de levering, verkoop, overbrenging of uitvoer krachtens artikel 1 verboden is.

2. De lidstaten confisqueren en verwijderen (onder meer door vernietiging, onbruikbaarmaking, opslag of overdracht naar een andere staat dan de staat van herkomst of bestemming om daar te worden vernietigd) door hen ontdekte artikelen waarvan de levering, verkoop, overbrenging of uitvoer krachtens artikel 1 verboden is.

3. De lidstaten werken, overeenkomstig hun nationale wetgeving, samen bij de inspecties en vernietigingen uit hoofde van de leden 1 en 2.

4. Met betrekking tot luchtvaartuigen en schepen die vracht vervoeren van en naar Libië, moet van alle goederen die een lidstaat binnenkomen of verlaten, vóór de aankomst of het vertrek een additionele aangifte worden gedaan.

Vorige artikelen

Volgende artikelen