Art. 20 Verordening (EU) nr. 651/2014, Steun voor samenwerkingskosten gemaakt door aan projecten voor Europese territoriale samenwerking deelnemende kmo's
1. Steun voor samenwerkingskosten gemaakt door aan projecten voor Europese territoriale samenwerking (ETC) deelnemende kmo's die onder Verordening (EU) nr. 1299/2013 van het Europees Parlement en de Raad vallen, is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, van het Verdrag en is van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag vrijgesteld, mits de in dit artikel en in hoofdstuk I vastgestelde voorwaarden zijn vervuld.
2. De in aanmerking komende kosten zijn de volgende:
a) kosten voor organisatorische samenwerking, met inbegrip van de kosten van personeel en kantoren voor zover die verband houden met het samenwerkingsproject;
b) kosten voor door externe consultants en dienstverrichters verleende advies- en ondersteuningsdiensten met betrekking tot samenwerking;
c) reiskosten, kosten van uitrusting en investeringsuitgaven die rechtstreeks met het project verband houden, afschrijving van werktuigen en uitrusting die rechtstreeks voor het project worden gebruikt.
3. De in lid 2, onder b), bedoelde diensten zijn niet van permanente of periodieke aard, noch behoren zij tot de gewone bedrijfsuitgaven van de onderneming, zoals routinematig belastingadvies, gangbare juridische dienstverlening of routinematige reclame.
4. De steunintensiteit bedraagt ten hoogste 50 % van de in aanmerking komende kosten.