Art. 29 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 639/2014, Vaststelling van betalingsrechten uit de nationale of de regionale reserve in het kader van artikel 30, lid 7, van Verordening (EU) nr. 1307/2013
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 639/2014
1. Wanneer overeenkomstig artikel 30, lid 10, van Verordening (EU) nr. 1307/2013 nieuwe betalingsrechten worden toegewezen voor de toepassing van artikel 30, lid 7, van die verordening, vindt deze toewijzing plaats volgens de in het onderhavige artikel vastgestelde voorwaarden en volgens de door de betrokken lidstaat vastgestelde objectieve criteria.
2. Wanneer landbouwers die geen betalingsrechten (in eigendom of in pacht) hebben, overeenkomstig artikel 30, lid 7, van Verordening (EU) nr. 1307/2013 aanspraak kunnen maken op betalingsrechten uit de nationale of de regionale reserve en daarvoor een aanvraag indienen, krijgen zij een aantal betalingsrechten dat overeenstemt met ten hoogste het aantal subsidiabele hectaren dat zij op de in artikel 28, lid 1, bedoelde uiterste datum voor de indiening van hun aanvraag (in eigendom of in pacht) hebben.
3. Wanneer landbouwers die betalingsrechten (in eigendom of in pacht) hebben, overeenkomstig artikel 30, lid 7, van Verordening (EU) nr. 1307/2013 aanspraak kunnen maken op betalingsrechten uit de nationale of de regionale reserve en daarvoor een aanvraag indienen, krijgen zij een aantal betalingsrechten dat overeenstemt met ten hoogste het aantal subsidiabele hectaren dat zij op de in artikel 28, lid 1, bedoelde uiterste datum (in eigendom of in pacht) hebben zonder dat zij daarvoor betalingsrechten (in eigendom of in pacht) hebben.
Wanneer de betalingsrechten die de landbouwer al (in eigendom of in pacht) heeft, minder waard zijn dan het nationale of het regionale gemiddelde als bedoeld in artikel 30, lid 8, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1307/2013, kan de jaarlijkse waarde per eenheid van die betalingsrechten worden verhoogd tot het nationale of het regionale gemiddelde als bedoeld in artikel 30, lid 10, van die verordening.
4. Voor de toepassing van lid 1 stellen de lidstaten geen criteria betreffende productiegegevens of andere sectorspecifieke gegevens vast voor een periode na de datum die zij overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1122/2009 voor aanvraagjaar 2013 hebben bepaald.