Art. 69 GTM-kaderverordening, Procedure ter voorbereiding van ECB-besluiten krachtens artikel 6, lid 5, onder b), van de GTM-verordening op initiatief van de ECB
Verordening (EU) nr. 468/2014 (GTM-kaderverordening)
1. De ECB kan een NBA verzoeken om een rapport te verschaffen waarin de toezichthistorie en het risicoprofiel van een minder belangrijke onder toezicht staande entiteit of minder belangrijke onder toezicht staande groep wordt uiteengezet. De ECB geeft de datum aan waarop dit rapport uiterlijk bij haar ingediend moet worden.
2. De ECB pleegt overleg met de NBA alvorens een definitief besluit te nemen met betrekking tot de vraag of toezicht op de minder belangrijke onder toezicht staande entiteit of de minder belangrijke onder toezicht staande groep door de ECB noodzakelijk is om de consistente toepassing van hoge toezichtstandaarden te garanderen.
3. Indien de ECB concludeert dat rechtstreeks toezicht door de ECB op de minder belangrijke onder toezicht staande entiteit of minder belangrijke onder toezicht staande groep noodzakelijk is om de consistente toepassing van hoge toezichtstandaarden te garanderen, zal zij een ECB-besluit vaststellen in overeenstemming met titel 2.