Art. 93 Verordening (EU) nr. 1308/2013, Definities
Verordening (EU) nr. 1308/2013
1. Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:
a) "oorsprongsbenaming": de naam van een regio, een bepaalde plaats of - in uitzonderlijke gevallen en mits naar behoren gemotiveerd - een land, die wordt gebruikt voor de beschrijving van een in artikel 92, lid 1, bedoeld product dat aan de volgende eisen voldoet:
i) de kwaliteit en de kenmerken van het product zijn hoofdzakelijk of uitsluitend toe te schrijven aan de specifieke geografische omgeving met haar eigen door natuur en mens bepaalde factoren;
ii) alle druiven waarmee het product is bereid, zijn afkomstig uit dit geografische gebied;
iii) de productie vindt plaats in dit geografische gebied; en
iv) het product is verkregen van wijndruivenrassen die behoren tot de soort Vitis vinifera;
b) "geografische aanduiding": een aanduiding die verwijst naar een regio, een bepaalde plaats of - in uitzonderlijke gevallen en mits terdege gemotiveerd - een land, en die wordt gebruikt voor de beschrijving van een in artikel 92, lid 1, bedoeld product dat aan de volgende eisen voldoet:
i) het product heeft een specifieke kwaliteit, reputatie of andere kenmerken die aan deze geografische oorsprong toe te schrijven zijn;
ii) ten minste 85 % van de voor de bereiding van het product gebruikte druiven zijn afkomstig uit dit geografische gebied;
iii) de productie vindt plaats in dit geografische gebied; en
iv) het product is verkregen van wijndruivenrassen die tot de soort Vitis vinifera behoren of die het resultaat zijn van een kruising van deze soort met andere soorten van het geslacht Vitis.
2. Bepaalde traditioneel gebruikte namen zijn een oorsprongsbenaming indien zij:
a) een wijn aanduiden;
b) naar een geografische naam verwijzen;
c) voldoen aan de in lid 1, onder a), i) tot en met iv), bedoelde eisen; en
d) worden beschermd volgens de in deze onderafdeling vastgestelde procedure voor de bescherming van oorsprongsbenamingen en geografische aanduidingen.
3. Oorsprongsbenamingen en geografische aanduidingen, waaronder die welke betrekking hebben op geografische gebieden in derde landen, komen in aanmerking voor bescherming in de Unie overeenkomstig de in deze onderafdeling vastgestelde voorschriften.
4. De in lid 1, onder a), iii) bedoelde productie heeft betrekking op alle betrokken acties, van het oogsten van de druiven tot de voltooiing van het wijnbereidingsproces, met uitzondering van eventuele procedés die na het productiestadium plaatsvinden.
5. Voor de toepassing van lid 1, onder b), ii), geldt dat het maximumpercentage van 15 % druiven die van buiten het afgebakende gebied afkomstig mogen zijn, afkomstig moeten zijn uit de betrokken lidstaat of het derde land waarin het afgebakende gebied gelegen is.