Art. 34, Overdracht van betalingsrechten

1. Betalingsrechten kunnen uitsluitend worden overgedragen aan een landbouwer die overeenkomstig artikel 9 het recht heeft op toekenning van rechtstreekse betalingen en in dezelfde lidstaat is gevestigd, behalve in het geval van overdracht door feitelijke of verwachte vererving.

De betalingsrechten kunnen, zelfs in het geval van overdracht door feitelijke of verwachte vererving, evenwel uitsluitend worden geactiveerd in de lidstaat waar zij zijn toegewezen.

2. Indien de lidstaten ervoor opteren voor de toepassing van artikel 23, lid 1, kunnen betalingsrechten alleen binnen dezelfde regio worden overgedragen of geactiveerd.

De betalingsrechten kunnen, ook in het geval van overdracht door feitelijke of verwachte vererving, evenwel uitsluitend worden geactiveerd in de regio waar zij zijn toegewezen.

3. De lidstaten die niet opteren voor de toepassing van artikel 23, lid 1, kunnen besluiten dat betalingsrechten uitsluitend binnen dezelfde regio kunnen worden overgedragen of geactiveerd, behalve in het geval van feitelijke of verwachte vererving.

Deze regio's worden gedefinieerd op het passende territoriale niveau op basis van objectieve criteria en op zodanige wijze dat de gelijke behandeling van de landbouwers wordt gewaarborgd en markt- en concurrentieverstoringen worden voorkomen.

4. Indien betalingsrechten worden overgedragen zonder grond kunnen de lidstaten, met inachtneming van de algemene beginselen van het recht van de Unie, besluiten dat een deel van de overgedragen betalingsrechten vervalt aan de nationale reserve of regionale reserves of dat de waarde per eenheid wordt verminderd ten gunste van de nationale reserve of regionale reserves. Die vermindering kan worden toegepast op een of meer vormen van overdracht.

5. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast waarin de wijze waarop landbouwers aan de nationale instanties een overdracht van betalingsrechten moeten melden en de uiterste data waarop deze meldingen moeten plaatsvinden, worden vastgelegd. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 71, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.

Uitspraken die dit artikel aanhalen