Art. 46, Bevoegdheden van de Commissie

1. Om bij de betalingen op basis van de uitgavendeclaraties van de lidstaten rekening te houden met de ontvangsten die door de betaalorganen voor de begroting van de Unie worden geïnd, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 115 gedelegeerde handelingen vast te stellen inzake de voorwaarden waaronder bepaalde soorten uitgaven en ontvangsten in het kader van de Fondsen onderling moeten worden verrekend.

2. Om een billijke verdeling van de beschikbare kredieten over de lidstaten mogelijk te maken, is de Commissie, indien de begroting van de Unie aan het begin van het begrotingsjaar niet is vastgesteld of indien het totaalbedrag van de geprogrammeerde vastleggingen de in artikel 170, lid 3, van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 vastgestelde drempel overschrijdt, bevoegd om overeenkomstig artikel 115 van deze verordening gedelegeerde handelingen vast te stellen inzake de voor de vastleggingen en de betaling van de bedragen toe te passen methode.

3. Ten einde de consistentie te verifiëren van de door de lidstaten met betrekking tot de uitgaven verstrekte gegevens en van andere krachtens deze verordening vereiste informatie, is de Commissie bevoegd, indien de verplichting om de Commissie overeenkomstig artikel 102 op de hoogte te stellen niet wordt nageleefd, overeenkomstig artikel 115 gedelegeerde handelingen vast te stellen betreffende het uitstellen van de maandelijkse betalingen aan de lidstaten, zoals bedoeld in artikel 42, met betrekking tot uitgaven uit hoofde van het ELGF en het vaststellen van de voorwaarden waaronder de Commissie de in dat artikel bedoelde tussentijdse betalingen aan lidstaten uit hoofde van het ELFPO zal verlagen of zal opschorten.

4. Om ervoor te zorgen dat het evenredigheidsbeginsel bij de toepassing van artikel 42 in acht wordt genomen, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 115 gedelegeerde handelingen vast te stellen inzake:

a) de lijst van maatregelen die onder artikel 42 vallen;

b) het toe te passen percentage van de in dat artikel bedoelde schorsing van de betalingen.

5. De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen waarin een nadere invulling aan de verplichting van artikel 44 wordt gegeven en de specifieke voorwaarden worden vastgelegd voor de gegevens die in de rekeningen van de betaalorganen moeten worden geboekt. Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 116, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure.

6. De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen waarin voorschriften worden vastgelegd voor:

a) de financiering en boekhoudkundige verantwoording van de maatregelen voor interventie in de vorm van openbare opslag en andere door de Fondsen gefinancierde uitgaven;

b) de voorwaarden voor de uitvoering van de procedure voor het ambtshalve doorhalen van vastleggingen;

c) de procedure en andere praktische regelingen met betrekking tot het goede functioneren van het in artikel 42 bedoelde mechanisme.

Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 116, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure.

Uitspraken die dit artikel aanhalen