Art. 50 Verordening (EU) nr. 1306/2013, Bevoegdheden van de Commissie

Verordening (EU) nr. 1306/2013

1. Om een correcte en efficiënte toepassing van de bepalingen betreffende controles ter plaatse en de toegang tot documenten van deze afdeling te waarborgen, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 115 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter aanvulling van de specifieke verplichtingen waaraan de lidstaten uit hoofde van dit hoofdstuk moeten voldoen.

2. De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen waarin voorschriften worden vastgelegd voor:

a) de procedures betreffende de specifieke verplichtingen waaraan de lidstaten moeten voldoen met betrekking tot de controles waarin dit hoofdstuk voorziet;

b) de procedures betreffende de samenwerkingsverplichtingen waaraan de lidstaten moeten voldoen met het oog op de toepassing van de artikelen 47 en 48;

c) de procedures en ander praktische regelingen met betrekking tot de rapportageverplichting als bedoeld in artikel 48, lid 3;

d) de omstandigheden waaronder de bewijsstukken als bedoeld in artikel 49 moeten worden bewaard, met inbegrip van de vorm en de duur van de opslag.

Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 116, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure.

Vorige artikelen

Volgende artikelen