Art. 501 Verordening (EU) nr. 575/2013, Vermindering van de kapitaalvereisten voor uit blootstellingen met betrekking tot kmo's voortvloeiend kredietrisico
1. De kapitaalvereisten voor het uit blootstellingen met betrekking tot kmo's voortvloeiend kredietrisico worden met een factor 0,7619 vermenigvuldigd.
2. Voor de toepassing van dit artikel:
a) wordt de blootstelling ondergebracht in de categorie blootstellingen met betrekking tot particulieren en kleine partijen, in de categorie blootstellingen met betrekking tot ondernemingen of in de categorie blootstellingen die gedekt zijn door hypotheken op onroerend goed. Blootstellingen waarbij sprake is van wanbetaling worden uitgesloten;
b) onder een kmo wordt verstaan een onderneming die voldoet aan de criteria in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (36). Van de criteria vermeld in artikel 2 van de bijlage bij die aanbeveling wordt alleen de jaaromzet in aanmerking genomen.
c) het totale bedrag dat de debiteur of groep van verbonden cliënten aan de instelling en moederondernemingen en haar dochterondernemingen verschuldigd is, inclusief blootstellingen waarbij sprake is van wanbetaling maar exclusief vorderingen of voorwaardelijke vorderingen gedekt door zekerheden in de vorm van niet-zakelijk onroerend goed, bedraagt naar het inzicht van de instelling, niet meer dan 1,5 miljoen EUR. De instelling onderneemt redelijke stappen om dit inzicht te verwerven.
3. De instellingen rapporteren het totale bedrag van de overeenkomstig lid 2 berekende blootstellingen met betrekking tot kmo's per kwartaal aan de bevoegde autoriteiten.
4. Uiterlijk 2 januari 2017 dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in, in voorkomend geval vergezeld van een wetgevingsvoorstel, over de impact van de in deze verordening vastgestelde eigenvermogensvereisten op de kredietverlening aan kmo's en aan natuurlijke personen.
5. Voor de toepassing van lid 4 brengt de EBA aan de Commissie verslag uit over het volgende:
a) analyse van de trendontwikkeling en van de evolutie van de voorwaarden inzake de kredietverlening aan kmo's in de loop van de in lid 4 bedoelde periode;
b) analyse van de effectieve risicogevoeligheid van kmo's over een volledige economische cyclus;
c) het stroken van de in deze verordening vastgestelde eigenvermogensvereisten voor het uit blootstellingen met betrekking tot kmo's voortvloeiend kredietrisico met de uitkomsten van de in de punten a) en b) bedoelde analyses.